162. Over economie: Oostenrijkse conjunctuurtheorie (29 augustus 2014)

De economische ontwikkeling kent een afwisseling van goede en slechte jaren. Die schommelingen noemen we conjunctuur. Waar komen die schommelingen vandaan? Daarover bestaan verschillende theorieën. Een daarvan is die van de zogenoemde Oostenrijkse school in de economie.

Die theorie geeft een centrale rol aan het monetaire beleid en de rente. De economie kent een zogenoemde evenwichtsrente of natuurlijke rente. Die is niet rechtstreeks waarneembaar. De feitelijke rente, vaak de marktrente genoemd, wordt in sterke mate bepaald door het beleid van de centrale bank.

De evenwichtsrente zorgt ervoor dat de productiestructuur van de economie evenwichtig is, wat betreft de productie van goederen voor onmiddellijke consumptie en kapitaalgoederen. In evenwicht is de productie van kapitaalgoederen precies afgestemd op de toekomstige vraag naar consumptiegoederen. Die worden geproduceerd door inzet van arbeid en die kapitaalgoederen.

Als de centrale bank de rente al dan niet bewust, beneden de evenwichtsrente stuurt, zet ze een groei van de economie in gang. Het wordt aantrekkelijk meer kapitaalgoederen te produceren en meer op korte termijn te consumeren.

Er ontstaat overcapaciteit. Er is minder vraag naar toekomstige consumptiegoederen dan de capaciteit groot is. Dat blijkt op enig moment. Dan gaat de groei van de economie over in recessie.

Dat is onvermijdelijk. De overcapaciteit moet worden afgebroken. En de recessie moet worden uitgezeten. Tijdelijke werkloosheid hoort er bij.

Stimuleren van de economie heeft geen zin. De onevenwichtige economische structuur wordt er door in stand gehouden. En mogelijk zelfs versterkt. De onvermijdelijke aanpassing wordt alleen maar groter.

De Oostenrijkse conjunctuurtheorie is een alternatief voor de theorie van Keynes. Laatstgenoemde verklaart recessies uit tekortschietende vraag in de economie. Ze kunnen worden bestreden door stimulerend beleid.

Welke theorie juist is, is dus cruciaal voor het te voeren beleid. Ook nu. Met zeer lage rentes en maar matig of niet groeiende economieën.


Meer in dit programma