Interview DNHK - "We hebben een systeembreuk nodig" (21 februari 2014)

28 februari 2014 08:31

Den Haag. Econoom Lex Hoogduin zorgt met zijn kritiek op het Nederlandse politieke systeem voor opschudding. Het poldermodel is ten einde, zegt hij, en het land niet meer bestuurbaar. In een exclusief interview voor ‘DNHK markt’ licht de voormalige directeur van de Nederlandsche Bank zijn theorieën en oplossingsvoorstellen toe.


Meneer Hoogduin, u bestempelt het Nederlandse poldermodel als ‘dood’. Hoe staat het eigenlijk met de ‘patiënt’ Nederland?

Standard & Poors heeft Nederland onlangs afgewaardeerd en daarbij het probleem correct omschreven: het land staat stil. Pas in 2017 zullen we het niveau weer bereikt hebben waar we in 2007 al waren. Dat betekent dat Nederland een decennium aan groei heeft weggegeven. De oorzaak daarvan is een systeemfout: het klassieke Nederlandse poldermodel was erop gebaseerd dat werkgevers en werknemers onderling compromissen sloten. Op die manier werd er in Nederland een buitengewoon brede maatschappelijke consensus bereikt. Tot op de dag van vandaag kan de Nederlandse politiek zonder deze consensus niets besluiten. Maar de voorwaarden die zulke breed gedragen beslissingen mogelijk maakten zijn langzaam maar zeker verdwenen. Het land is letterlijk niet meer in staat om besluiten te nemen.

Wat bedoelt u daarmee?

Het naoorlogse Nederlandse model was gebaseerd op vaste maatschappelijke zuilen. Iedereen behoorde tot een bepaalde religieuze of levensbeschouwelijke gemeenschap, las de bijbehorende krant en was actief in de bijbehorende verenigingen. De belangenverenigingen uit die tijd domineren vandaag de dag nog steeds onze besluitvormingsprocessen. Maar ze zijn allang niet meer representatief voor de bevolking. We zien een versplintering van maatschappelijke normen als gevolg van globalisering en immigratie. Kerken en vakbonden zien hun leden vertrekken. Tegelijkertijd zijn de nieuwe groeperingen en het grote aantal zelfstandigen ondervertegenwoordigd in de politieke processen. Het poldermodel functioneert dus niet meer. Het bereikt geen daadwerkelijke consensus meer.

Dus is het tijd voor een nieuwe politiek?

We moeten óf het poldermodel opnieuw uitvinden, wat echter in de beschreven constellatie zo goed als ondenkbaar is, óf we moeten het Nederlandse politieke systeem in zijn geheel revolutioneren. De zaken die er echt toe doen – Europa, de energietransitie, de toekomst van het pensioenstelsel – zijn niet meer op te lossen, omdat te veel kleine partijen met te veel specifieke belangen te veel macht kunnen uitoefenen. De grote partijen in Nederland krijgen in de peilingen nauwelijks meer dan 20 procent van de stemmen. De politieke volatiliteit is enorm toegenomen, waardoor partijen al bij de eerstvolgende verkiezingen in een vrije val kunnen raken. Het gevolg is dat ze de verantwoordelijkheid van zich afschuiven. Wat we nodig hebben is echter het tegenovergestelde: meer ondernemersgeest in de politiek.

En hoe gaat dat in zijn werk?

We moeten kijken wat andere, meer succesvolle landen beter doen dan wijzelf. In de Verenigde Staten zijn er maar twee grote volkspartijen. De besluitvormingsprocessen zijn daar dan ook beduidend eenvoudiger. Ook in Duitsland worden de grote politieke stromingen liberalisme, conservatisme en sociaaldemocratie veel sterker gebundeld dan in Nederland. De Duitsers hebben hun begroting op orde en grip op de werkeloosheid. Hoe is hen dat gelukt? Ik denk door een daadkrachtig politiek landschap dat in principe gebaseerd is op drie tot vier partijen. Ook wij moeten vanuit mijn optiek terugkeren naar een systeem met twee of drie volkspartijen. Een kiesdrempel, zoals in het Duitse verkiezingsstelsel, zou een belangrijke stap in de goede richting zijn. Het zou direct tot een consolidering van het politieke landschap leiden.

Heeft Nederland dan niet ook hele andere politici nodig? In Den Haag wordt toch traditioneel niets opgelost zonder commissies en vergaderingen achter gesloten deuren.Ik zie wel tekenen dat bepaalde partijen de noodzaak van structurele veranderingen erkennen. Het CDA werkt aan voorstellen voor een aanpassing van het kiesrecht. Of neem nu Hans Biesheuvel, de voormalige voorzitter van MKB Nederland. Hij is uit onvrede over de werking van het poldermodel uit MKB Nederland gestapt en heeft de nieuwe vereniging ONL opgericht. Maar het klopt inderdaad: er moet vooral een omslag plaatsvinden in de hoofden van de politici. Sinds de jaren ’70 heeft de overheid de mensen voorgehouden ze tegen alle risico’s te kunnen beschermen. Nog altijd verwachten de burgers dat de staat alle problemen voor ze oplost. De politiek doet alsof ze dat ook kan. Maar dat is niet waar en dat merken de mensen. Voor het eerst denkt de meerderheid van de bevolking niet meer dat zijn of haar kinderen het later beter zullen hebben dan zij zelf. We hebben een partij nodig die de behoeften van deze groep mensen duidelijk verwoordt en zich inzet om hun problemen daadwerkelijk op te lossen. Ook wanneer de benodigde ingrepen bij velen impopulair zijn.

De Duitse kanselier Gerhard Schröder heeft de ‘Agenda 2010’ in gang gezet. Dat heeft hem politiek gezien de kop gekost.
Wie zich sterk maakt voor daadwerkelijke veranderingen doet altijd iemand pijn. Dat brengt risico’s met zich mee. Maar wie het lukt om de maatschappelijke stromingen te bundelen, hoeft er niet zwakker van te worden maar kan ook groeien. In Duitsland stemmen veel mensen toch niet op Angela Merkels CDU omdat de partij christelijk is. Ze weten dat ze ook een sterke economische politiek krijgen en een duidelijke visie op de Europese energiepolitiek. Ik ben overigens niet van mening dat alleen de politiek iets moet doen. We hebben ook initiatiefnemers nodig vanuit het bedrijfsleven en de wetenschap. Ook de media spelen een belangrijke rol. Maar de hoofdverantwoordelijke is de regering. Zij heeft het mandaat van de kiezer en draagt de verantwoordelijkheid voor de toekomst van het land.

Zou een systeembreuk voor Mark Rutte niet neerkomen op politieke zelfmoord?
Wat heeft Mark Rutte nu helemaal te verliezen? Verkiezingen, ok. Maar hij is nog jong. Een man als hij wil toch hopelijk niet tot zijn 65e politicus blijven. Ik verwacht van Rutte vooral dat hij zich profileert als een sterk leider. En als hij de mensen op die manier niet kan overtuigen, dan heeft hij nog genoeg andere opties. Maar hij moet wel eindelijk de angst voor conflicten opzij zetten.

Interview: Lars Björn Gutheil / Niels Koekoek

Lex Hoogduin werkte onder andere als Chief Economist bij Robeco en als adviseur van ECB-directeur Wim Duisenberg. Van 2009 tot 2011 zat hij in de directie van de Nederlandsche Bank, waar hij onder andere verantwoordelijk was voor economisch beleid en onderzoek, financiële markten en financiële stabiliteit. Tegenwoordig werkt de monetair econoom als hoogleraar en columnist en doet internationaal advieswerk. Zijn kritiek op het Nederlandse politieke systeem veroorzaakte onlangs een heftig debat in de Nederlandse media.

Het interview verschijnt op 3 maart 2014 in de volgende uitgave van 'DNHK markt'. Het blad is exclusief voor ledenbedrijven van de Nederlands-Duitse Handelskamer en verschijnt zes keer per jaar.

Bron: www.dnhk.org
Link naar artikel>>