Column - De ratio in economische beslissingen (18 april 2014)

18 april 2014 15:57

Sinds de Verlichting is er een weldadig optimisme over de toekomst ontstaan. Door wetenschappelijke methoden toe te passen, zou bijgeloof kunnen worden overwonnen. En vooruitgang geboekt.  De mens zou niet langer zijn overgeleverd aan de Goden. En aan domme pech. Hij zou zijn bestaan kunnen beheersen. En als er gekeken wordt naar wat de afgelopen eeuwen tot stand is gebracht, is er grond voor dat vooruitgangsgeloof.

 

Dat geloof in maakbaarheid heeft ook de sociale wetenschappen, waaronder de economie be├»nvloed. De gangbare economische wetenschap heeft de ambitie aanbeleidsmakers kennis en mogelijkheden te leveren in te grijpen in het economisch proces. Met de bedoeling betere uitkomsten tot stand te brengen. Groei, volledige werkgelegenheid, lage inflatie, gelijke inkomensverdeling. U kent de doelstellingen van het economisch beleid wel. Via de economische wetenschap bijdragen aan rationele beslissingen. Dat is de pretentie.

 

Maar er is een grens aan de rol van de ratio bij het nemen van economische beslissingen. En die grens is hard. En onontkoombaar. Wij kunnen er als mensen niet omheen dat wij mogelijk in de toekomst zullen leren. Innoveren. Ontdekkingen zullen doen. Maar wat we leren en ontdekken en wat de innovaties zullen zijn, kunnen we per definitie nu niet weten.

 

Maar de vernieuwingen in de toekomst gaan de uitkomsten beinvloeden van de beslissingen die we vandaag nemen. Die beslissingen zijn dus niet volledig te nemen op grond van rationele calculatie.

 

Hoe goed onze bedrijfsplannen, kosten-baten analyses en risicomanagement ook zijn, op het moment van beslissen blijft de toekomst een donker gat. Of lonkend, maar niet geheel te kennen perspectief.

 

Dat gegeven is onder de invloed van het optimisme van de Verlichting genegeerd geraakt in de gangbare economische wetenschap. Met overdreven pretenties als gevolg. De economische wetenschappen moet met weer met beide benen op de grond komen.